Een superbike op het circuit is geen snellere supersport, het is een andere manier van rijden. Duizend cc, en elektronica die bepaalt hoeveel daarvan daadwerkelijk bij het achterwiel aankomt. Wie hier zonder ervaring op stapt, rijdt vaak langzamer dan op een 600 uit de supersportklasse.
Grofweg 750 tot 1200 cc: de Yamaha YZF-R1, BMW S1000RR, Kawasaki ZX-10R, Honda CBR1000RR Fireblade en de Ducati Panigale V4R. Van een standaardmotor met racekuip tot volledig opgebouwde machines met Öhlins-vering, quickshifter en datalogging.
Tussen de goedkoopste en de duurste superbike zit een factor vijftien, en dat verschil zit zelden in de motor zelf. Vering, remmen, uitlaat, elektronica en wat er aan reservedelen meekomt bepalen de prijs. Vraag altijd wat er in de koop zit: een set reservewielen en een complete kuipenset vertegenwoordigen samen al snel een paar duizend euro.